LC-columniste Jantien de Boer: ‘Friese fair trade kan ambachtelijk feestje worden’

FRYSLAN - Fryslân heeft de ambitie uitgesproken om in 2015 de eerste Fairtrade Provincie zijn. Daarom interviewt centrum Tûmba deze zomer bekende Friezen over hun inspanningen voor een betere wereld. Deze week: journalist Jantien de Boer, bekend van haar wekelijkse column in de Leeuwarder Courant.

Ze koopt fair trade hagelslag, maar de repen van Côte d’Or smaken haar veel beter dan Tony’s Chocolonely. En ze haalt soms cadeautjes bij de Wereldwinkel – leuk en origineel – of eerlijk katoen bij de Hema, maar alleen als het mooi is en goed zit. ,,In gedachten ben ik vaak aan het optellen en aftrekken om mijn voetafdruk beperkt te houden’’, vertelt Jantien. ,,Zo ga ik veel te vaak in bad, maar ik eet heel weinig vlees. En ik pak regelmatig de auto om op een groene plek te gaan wandelen, maar ik rijd nog steeds in mijn al zestien jaar oude roestige Fiësta, dus ik doe wel heel lang met mijn spullen.’’ Voor de columniste is fair trade één van de vele verantwoorde en duurzame keuzevakjes. ,,We worden aan alle kanten geprikkeld met labels en goede doelen. Zelf ben ik vooral gevoelig voor pure streekproducten. Wat mij betreft mag de provincie energie steken in Friese fair trade. Want ik wil best koffieboeren en bedrijfjes in ontwikkelingslanden steunen, maar ook de boeren dichtbij, of Friese ondernemers die hun best doen voor fijne ambachtelijke producten. Als ze het maar handig aanpakken. Maak een leuk winkelhoekje, stop de aardappelen, uien, kazen of hutspot in een mooie zak en dan komen de stadse tutten met hun rieten mandjes wel. Zelf betaal ik ook graag wat meer voor het goede gevoel van grasboter en biologische rabarbermuffins uit eigen streek.’’ ,,Bij de hippe supermarkt Marqt in Amsterdam doen ze dat heel goed. Daar hebben groente, fruit, vlees en zuivel het label Mijn Boer, met daarop de namen van de producenten in de regio. Slim gedaan, want beleving hoort erbij’’, vindt Jantien. ,,Voor dat goede gevoel trekken consumenten nog steeds hun portemonnee. Wat dat betreft maakt fair trade zeker kans: kijk mij een goed mens zijn. Als het maar voorhanden, aantrekkelijk en lekker is. Anderzijds zijn mensen in deze tijd weer extra prijsbewust en zuinig. In de supermarkt zag ik een man met Max Havelaar bananen in zijn handen, maar zijn vrouw siste dat die veel te duur waren, waarna hij ze bedremmeld weglegde. Ik kon daar een grappige column over schrijven, maar het laat wel zien dat fair trade nog niet vanzelfsprekend is.’’ Ze steekt de hand ook in eigen boezem. ,,Laatst keek ik met mijn zonen van 12 en 15 naar het tv-programma Puberruil, waarin een Nederlands meisje in India terecht kwam en werd geconfronteerd met kinderarbeid in naaiateliers. We beseften hoe vreselijk dat is, maar we zaten wel in T-shirts en broeken waarvan we geen idee hadden of het wel fair trade was. Op zo’n moment vlamt het bewustzijn even op, maar toch ben ik te lui om via internet actief op zoek te gaan naar kleding die gegarandeerd eerlijk en verantwoord is. Het helpt echt als producten dichtbij, overzichtelijk en leuk worden gepresenteerd. Misschien zijn we te verwend als consument? Als ik mensen zie vreten bij McDonald’s ben ik weinig hoopvol, maar als ik dan weer eieren van onze eigen kippen raap, dan denk ik: met kleine stapjes op microniveau zetten we tóch verandering in gang.’’