Fel verzet blijft tegen peilverhoging Lauwersmeer

DEN HAAG -Bijna een jaar geleden bekeek de Raad van State in een kort geding de bezwaren tegen de peilverhoging in het Lauwersmeer. De Raad gaf toen voorlopig groen licht zodat de eerste zogeheten rietproef nog net op tijd kon starten. Maar het kwam tot uitstel. Woensdag bekeek de Raad de bezwaren uitvoeriger in de bodemprocedure van een groot aantal bezwaarmakers tegen de watervergunning die is verleend door het Waterschap Noorderzijlvest.

Intussen hebben deskundigen namens voor- en tegenstanders van het natuurproject zich nogmaals gebogen over de gevolgen van de waterpeilverhoging. De Raad van State mag nu beoordelen welke deskundige het meest gelijk heeft.

Het project is bedoeld om de rietgroei langs de randen van het meer te stimuleren. Daarmee worden de belangrijke natuurwaarden in het gebied behouden. Daarom wordt het waterpeil in het meer jaarlijks gedurende zes weken verhoogd met enkele decimeters.

De recreatieondernemers en de agrariërs rond het meer vrezen die natuurmaatregel. Verzilting van landbouwgronden door binnenstromend zeewater, wateroverlast en inzakkende kades zullen het gevolg zijn, aldus de bezwaarmakers.

Advocaat Rens Snel van het Waterschap Noorderzijlvest noemt dit allemaal holle taal. “Er zijn geen feiten die deze angst kunnen voeden”, zei hij bij de Raad van State. “Er liggen stapels deskundigenrapporten en in het ergste geval concluderen ze dat er nauwelijks effecten zullen zijn. Er zullen geen golven over de landerijen vloeien.”

Garanties dat het goed zal gaan, zijn er volgens Snel voldoende. Er geldt een beheerprotocol dat moet ingrijpen als er teveel water in het Lauwersmeer komt tijdens de periode waarin het peil is verhoogd. Het gaat dan niet om de kunstmatige toevoeging van water, maar door natuurlijke omstandigheden zoals zware regenval in het meer terwijl er niet kan worden gespuid op de Waddenzee omdat daar de waterstand al te hoog is.

“Soms kan er een week lang niet worden gespuid op de Waddenzee”, zegt de advocaat van de meeste bezwaarmakers. Het Waterschap stelt dat vijf dagen vooruit kan worden gekeken naar verschijnselen die ervoor zorgen dat het water in het meer hoger wordt dan het al verhoogde peil. En dat betekent dus volgens de advocaat dat het Waterschap dan in de knel komt. Daarbij komt dat grote neerslag niet altijd dagen tevoren kan worden voorzien.

Volgens de advocaat is de voorgehouden schaderegeling ook een wassen neus. De bezwaarmakers zullen moeten aantonen dat schade aan hun percelen het gevolg is van de waterpeilverhoging. Die bewijslast vinden ze onredelijk.

De Raad van State doet over zes weken uitspraak.